CLB-Kempen werkt handelingsgericht. Bent u al mee?

Omdat

 

  • Handelingsgerichte diagnostiek dé standaard wordt voor de vraaggestuurde CLB-werking
  • Handelingsgericht werken in het Vlaamse onderwijslandschap stilaan maar zeker een belangrijke plaats aan het innemen is
  • De scholen zich volop aan het vormen zijn in deze methodiek
  • We de samenwerking met scholen blijvend willen optimaliseren en dat onze kennis en kunde dus complementair aan de scholen moeten zijn
  • We kwaliteitsvol werken hoog in het vaandel dragen

Daarom

Trekt CLB-Kempen volop de kaart van handelingsgericht werken. Alle medewerkers hebben daarover een 4-daagse training achter de rug.

Wat is ‘handelingsgericht werken op school’?

HGW steunt op 7 uitgangspunten. Ze vormen een gemeenschappelijke taal. Ze zijn tegelijk een referentiekader om af te wegen wat we al wel of nog niet doen. Deze uitgangspunten zijn:

  • 1. De onderwijsbehoeften staan centraal.

    wat heeft een leerling nodig om bepaalde doelen te bereiken? Belangrijk is ook te kijken wat reeds werkt en dit uit te breiden.

  • 2. Wisselwerking en afstemming.

    Bij handelingsgericht werken gaat het steeds over een specifiek kind in een specifieke onderwijs- en opvoedingssituatie waarin leerkracht en leerling elkaar beïnvloeden. We gaan op zoek in die situatie naar risicofactoren en protectieve factoren waarbij zo breed mogelijk wordt gekeken. We vertrekken steeds vanuit het ideaalbeeld omdat we van daaruit op zoek kunnen gaan naar wat haalbaar en realistisch is. Wat is wenselijk – wat is haalbaar.

  • 3. De leerkracht doet ertoe.

    Het leerkrachtgedrag is van belang. Dit moet uiteraard afgestemd worden op de onderwijsbehoeften van het individuele kind. Op die manier werken betekent dat we niet louter en alleen vertrekken van kindkenmerken (wat kan de leerling allemaal niet), maar wel van wat een leerling nodig heeft en de mate van aanpassing die een school moet doorvoeren om hun zorgaanbod aan deze zorgbehoefte te ‘matchen’.
    Onderzoek wijst uit dat een leerkracht meer impact heeft dan hij of zelf meestal zelf beseft en de meest effectieve leerkrachten niet alle leerlingen hetzelfde benaderen (ze proberen verschillende aanpakken uit en experimenteren).

  • 4. Het positieve in een situatie wordt gezien en benut.

    We zoeken steeds naar sterke kanten van leerling, ouders en leerkrachten. Een essentiële vraag is: “Wanneer gaat het wel goed?” Zo vergroot het competentiegevoel en uiteraard ook de motivatie.

  • 5. Constructief samenwerken is belangrijk.

    Dit veronderstelt een goede communicatie en een aanvaarden van gelijkwaardigheid van alle samenwerkende partners: leerling, ouders, leerkracht en begeleider (CLB).

  • 6. We werken doelgericht.

    Dit kan maar als we voldoende tijd nemen om te achterhalen wat de echte hulpvraag is, wat de echte verwachtingen zijn van alle partijen. Dan pas kunnen we erachter komen of die verwachtingen realistisch zijn of niet. Daarom is de intakefase ook de meest belangrijke fase. We gaan dus eerst goed nadenken vooraleer we tot de actie overgaan. We zullen ook enkel onderzoek verrichten indien dit noodzakelijk is om een antwoord te geven op onderzoeksvraag (zuinigheidsprincipe) en als dit leidt tot handelen. We willen iets weten om te kunnen adviseren en niet om te classificeren.

  • 7. We werken systematisch en transparant.

    We doorlopen de procedure stap voor stap en zorgen ervoor dat die heel duidelijk is voor iedereen. Om niets te vergeten of over het hoofd te zien, kan men gebruik maken van eigen formulieren en controlelijsten. Deze moeten immers aansluiten bij het zorgsysteem van de school. Deze instrumenten zijn echter slechts een hulpmiddel om systematisch te werken, maar nooit een doel op zich.

Meer weten?

Het boek Handelingsgericht werken op school bespreekt in het eerste hoofdstuk deze uitgangspunten één voor één en legt uit wat ze voor het handelingsgericht werken betekenen. Het tweede hoofdstuk handelt over het handelingsgericht werken in een zorgcontinuüm. In het derde en vierde hoofdstuk worden de verschillende fasen van het handelingsgericht werken op school toegelicht en de rollen die de zorgcoördinator daarbij kan opnemen. In het vijfde hoofdstuk gaan de auteurs grondig in op het observeren en bespreken van het handelen van de leerkracht in de klas. Aangezien de auteurs aan het observeren veel belang hechten, meer dan aan het afnemen van testen, moet dit grondig bestudeerd worden. Hoe je een goed handelingsplan opstelt en hoe je op een constructieve manier met de ouders en hun kind communiceert, zijn de onderwerpen van de hoofdstukken zes en zeven. Tenslotte wordt er in het laatste hoofdstuk toegelicht hoe je het handelingsgericht werken op school kunt implementeren. In de verschillende hoofdstukken van het boek wordt er verwezen naar controlelijsten, kijkwijzers en formulieren. Deze zijn allemaal opgenomen in de bijlagen achteraan het boek. Ze kunnen echter ook allemaal gratis van het Internet worden gehaald op de website van uitgeverij Acco. Aangezien het de bedoeling is dat al deze instrumenten aangepast worden aan de zorgstructuur van de school, staan ze niet online in een PDF-formaat maar wel in een bestandsindeling die kan bewerkt worden (Word of Powerpoint).

Handelingsgericht werken op school
PAMEIJER N., VAN BEUKERING T., SCHULPEN Y., VAN DE VEIRE H., Handelingsgericht werken op school. Samen met leerkracht, ouders en kind aan de slag, Acco, Leuven/Voorburg, 2007, 234 blz., ISBN 978-90-334-6611-3.

Bronvermelding:
Lieven Coppens : Nieuwsbrief leren 53 januari 2008 jaargang 8
www.nieuwsbriefleren.be